Straf

Gisteren was ik bij het tuincentrum, waar ik graag kom omdat de koffie zo goed is. Lekkere, volle Italiaanse koffie. Ik haal er ook spullen voor onze huisdieren en als ik niets nodig heb, verzin ik wel een excuus om langs te gaan. Meestal neem ik niets bij de koffie maar gisteren viel mijn oog op een stuk worteltaart. Toch een beetje gezond, zei ik tegen mezelf. Zal ik wel of niet..? De jongen achter de toonbank zag mij twijfelen. ‘Het is zaterdag,’ zei hij bemoedigend.

‘Ja,’ zei ik, ‘alleen ben ik gisteravond uit eten geweest en daar heb ik een nogal decadent toetje op.’

‘Het is weekend.’

‘Is ook waar, alleen op woensdag heb ik het er ook al van genomen, toen was een vriendin jarig.’

‘Je leeft maar één keer,’ zei hij.

‘Vooruit dan maar,’ zei ik.

Rond 17.00 die middag – ik zeg de tijd erbij omdat het belangrijk is in deze – printte ik de kaartjes uit voor The Lion King, waar ik die avond met zoon naar toe zou gaan. Toen ik de e-tickets klaarlegde op tafel, viel mijn oog op de aanvangstijd: 15.00. Even knipperde ik met mijn ogen maar het stond er toch echt: 15.00. Matineevoorstelling. Verkeerd geboekt, mijn eigen stomme schuld. Straf voor alle decadentie deze week, dacht ik er pats boem bovenop. Nadat ik die verontrustende gedachte uit mijn hoofd had geschud, trok ik mijn Chromebook open en gelukkig, er waren nog kaartjes beschikbaar voor de avondvoorstelling, nota bene dezelfde stoelen die ik per abuis voor de middag had geboekt. Ik slikte even, zuchtte opgelucht en rekende af.

Vandaag belde ik de organisatie bij wie ik de tickets boekte. Ze waren zo aardig het bedrag van de matineevoorstelling terug te storten. ‘Een vervelende vergissing,’ zei de mevrouw meelevend. ‘Dat zou toch zonde zijn.’

Wat ik mezelf toch af en toe wijs maak.

img_20180609_221835788

Gedeelde smart

Ik neig naar gespannenheid. Ik weet niet of dat altijd zo is geweest – kan me niet herinneren dat ik er last van had tijdens de studie – in ieder geval wel tijdens mijn werkende leven, nu zo’n 22 jaar. Vooral bij beoordelingen, met name bij lesbezoeken. Strakke spieren, fronsje, hoge ademhaling. Duizelingen. Een ‘ingesnoerd’ gevoel. Mindfulness helpt, ontspanningsoefeningen ook. Ik dacht dat ik alle technieken wel een beetje kende, tot ik gisteren een nieuwe ontdekte.

De inspectie van onderwijs kwam op school. Daar zag ik al twee weken tegenop. Strenge mannen met stropdassen die plots je les komen binnenvallen om jou eens eventjes de maat te nemen. Kijken of je les wel klopt (goede opbouw? Juiste niveau? Snappen de leerlingen het nut? Duidelijk begin en eind?). Al ruim voor mijn eerste les was ik op school. Tot de tand toe bewapend met opbouw, niveau, nut en een duidelijk begin en eind. In de docentenkamer zaten verspreid een stuk of acht collega’s, allen gebogen over een stapel boeken of druk tikkend op een chromebook. Iemand had de airco hoog gezet, het leek er wel een vrieskist. Wat mij bezielde, weet ik niet maar ineens zei ik: Goh, ik vind dit toch wel spannend. Meerdere collega’s slaakten een zucht van verlichting. ‘Nou, ik ook,’ zei er een. ‘Geen oog dichtgedaan,’ zei een ander. ‘Tot twaalf uur gisteravond zitten voorbereiden,’ zei er nog een. En: ‘Hopelijk slaan ze mij over.’ Er werden grapjes gemaakt. Over flauwvallen voor de klas. Of hem gewoon peren tijdens de les, de hele janboel laten voor wat het is. ‘Zullen ze raar van staan te kijken.’

Iedereen ontspande. De airco kon uit. De inspecteurs lieten hun stopdassen thuis. Eén sprak melodisch Brabants. Aan de schooldag kwam vanzelf een eind.

img_20180522_151802149

Nasse

Dochter en ik ontdekten vandaag het stadje. Samen lunchten we in Zell am See en gingen daarna op zoek naar een cadeautje voor man, die morgen jarig is. De lunch was geslaagd, hoewel het mij wel opvalt dat de Oostenrijkers erg van varkensvlees houden: op onze tosti zat zeker een half varken. Thuis eten we weinig vlees en als we vlees eten is het altijd bio rundergehakt of kip. Maar goed: When in Rome, do as Romans do. Na de lunch winkelen voor dat cadeautje. ‘Tja, waar houdt papa van?’ verzuchtte dochter. Ik herinnerde haar eraan dat man had gezegd niets te willen – de vakantie was al meer dan genoeg. ‘Ja, en hij heeft ons, daar houdt hij van,’ voegde dochter eraan toe.

Toch stopte we op de terugweg nog even bij een of andere houtsnijwerk/antiek winkel. De weg was nat, er was slipgevaar, maar misschien zouden we hier toch op de valreep iets leuks vinden. Een meneer wachtte ons op, gaf ons een hand. Leuk, dacht ik nog. Eenmaal binnen hield de man niet op met praten. In Arnold Schwarzenegger Engels ging hij mij alles over de streek vertellen, ondanks mijn beleefde signalen dat ik liever even rondkeek met mijn dochter. Net toen ik weg wilde lopen zei hij: ‘Und dis? You haf to taste dis.‘ ‘Dis’ was een gedroogd stuk worst (ja dat verkocht hij ook) waar ik absoluut geen trek in had. ‘No thank you, very kind, but we’ve just had lunch,‘ zei ik. ‘Taste!’ zei hij terwijl hij mij het stuk vlees reikte. ‘No thank you, we’re vegetarians,’  loog ik. Helaas was de kous daarmee nog niet af: het was maar goed ook, dat vegetariër zijn, vlees zit tegenwoordig vol troep (hormonen, antibiotica) maar wat hij verkocht was puur natuur. En over puur natuur gesproken, hij had ook nog gedroogde Alpenkruiden om thee mee te maken en een balsem voor wondjes en dergelijke. Betadine was namelijk ook troep. ‘I use tea tree oil,‘ zei ik en daar had hij gelukkig niet van terug.

In de auto zei dochter: ‘We gaan niet meer naar die winkel mama, ik kreeg de kriebels van die meneer Kwebbelkous.’ Onderweg zagen we een bord: 60 bei nasse. Je mag hier dus maar 60 rijden wanneer je zit te nassen. Die Oostenrijkers toch.

img_20171228_135203566_hdr1246220487.jpg

Ongeduldig

Vandaag weer gaar wakker geworden. Ik weet niet wat dat is: vroeger sliep ik heerlijk op vakantie. Ging zelfs af en toe in een hotel logeren om een nachtje goed te slapen. Ik had toen ook wel last van vage zenuwen – behalve tijdens city trips, in de stad voel ik mij volkomen op mijn gemak – maar sliep ’s nachts als een roosje. Ik begin nu wel te wennen aan de omgeving hier, heb geleerd mezelf de tijd te geven. Wat geduldiger tegenover mezelf te zijn. Je hebt van die mensen die er gelijk in zitten, in de vakantie of een nieuwe plek; ik ben er niet een van.

Gisteren bracht ik voor het eerst man en kinderen naar de piste, zo’n zeventien minuten rijden van hier. Het was mistig. Op de terugweg nam ik een verkeerde afslag.  Truus, mijn navigatie-dame, wordt dan ongeduldig. Bij een verkeerde afslag krijgt haar stem iets dwingends, ze gaat nog net niet zuchten. ‘Ik zei toch: over 300 meter afslaan.’

Nu is de mist opgetrokken. Dan zie ik ineens hoe schitterend het hier is en verplaatst mijn aandacht zich van binnen naar buiten. Buiten mijn raam staat een kudde imposante paarden. Met die prachtige wintervachten gaan ze naadloos op in het stille landschap.

img-20171227-wa0001-235990418.jpg

 

Stilte

Het is hier prachtig. Niet dat ik veel kan zien; alles is oogverblindend wit en het is ook nog eens mistig. Maar er heerst een stilte die ik heerlijk vind. Samen met Jimmy heb ik de omgeving verkend. Laantje zus, laantje zo, we moesten wel oppassen niet te verdwalen. Nu ga ik wat schrijven. Man en kinderen zijn naar de pistes. Die zijn zo goed als de hele dag weg. Jimmy is moe van de kou en al het nieuws en ligt lekker naast mij, in zijn mand. Af en toe schrikt hij op van een vreemd geluid. Dan kijkt hij mij vragend aan, ik knik, het is weer goed. Zo komt hij de week wel door.

IMG_20171224_092227901.jpg

Hotel braadworst

Ik sta iedere keer weer versteld van Jimmy. Van zijn flexibiliteit en overgave. Gisteren en vandaag hebben we aardig wat uren gereden en Jimmy schikt zich volledig naar de omstandigheden. Urenlang slaapt hij aan de voeten van de kinderen, lekker op een kussentje. Deint mee op het ritme van de auto zonder enige vorm van rusteloosheid. Bij iedere stop even rondsnuffelen en een plasje. Als hij maar bij zijn roedel is. Het hotel gisterenavond vond hij prachtig. Het grensde aan een slagerij, die hing vol met braadworsten. Ook logeerde er een groep bikers. Ze droegen Motorhead T-shirts en flip-flops. Dat vond zoon opvallend: flip-flops in de winter, ook al was het binnen.

We hebben heerlijk geslapen, met z’n allen op één kamer, dochter raakte er niet over uitgepraat. En Jimmy droomde over een levensgrote braadworst. Alles rook ernaar dus dat kan ook niet anders.

img_20171223_141718473-1896979204.jpg

 

Goed samengewerkt

Vandaag een klus waar ik bloednerveus van word: inpakken. Al snel raak ik het overzicht kwijt, er is paniek, ik heb dan zelfs geen zin meer in de vakantie. Voor mij geen voorpret wat dat betreft. Ik haal pas opgelucht adem wanneer we daadwerkelijk wegrijden. Onderweg zijn is goed, dan klopt alles weer. Gelukkig is er man, die wel goed kalmte en overzicht bewaart. Waar ik wel goed in ben, is vakantiehuisjes opruimen voor vertrek. Man pakt in, ik maak schoon. ‘We hebben weer goed samengewerkt,’ zeg ik dan altijd na afloop. Dan schudt hij zijn hoofd, zegt ‘tjonge jonge’ of iets dergelijks.

Jimmy is in bad geweest, die ruikt weer lekker fris. Zijn koffertje is al gepakt: schoon beddengoed, winterjasje, brokjes en snacks. Jimmy is er klaar voor. Ik morgen ook.

IMG-20171221-WA0000